Monteurshandleiding: Volgsysteem voor apparatuur in bedrijfsmiddelen - Bedraad (voor Reveal)

Dit is een papieren versie die mogelijk niet meer up-to-date is. Ga voor de meest recente versie van onze hulpbronnen naar https://install.verizonconnect.com/hc/nl-nl.

Vaardigheidsniveau: Geavanceerd

Installateurs moeten gedegen kennis hebben van elektrische en startsystemen van voertuigen. Ook moeten ze relais, diodes en sensorinvoeren kunnen gebruiken.

Deze handleiding beschrijft hoe een volgsysteem voor apparatuur in bedrijfsmiddelen (EAT) geïnstalleerd moet worden. Het is bedoeld voor professionele monteurs.

Monteurs die al bekend zijn met het installeren van het EAT-apparaat kunnen ervoor kiezen om de Reveal Hardware Installer-app te gebruiken en de instructies te volgen.

EAT_product_shot.png

In deze handleiding:

De EAT en EAT-B apparaten lijken op elkaar. Deze handleiding is voor EAT-apparaten die over een ingebouwde I/O-kabelboomverbinding beschikken.

Stap 1: Pak uw gereedschap

  • Draadloze boor met metrische en standaard bits. Raadpleeg Stap 2 voor de groottes van het bevestigingsmateriaal.
  • Veiligheidsbrillen of andere oogbescherming
  • Marker om aan te geven waar de gaten geboord moeten worden
  • Bij het boren van een doorgangsgat, een dichtingsring en silicone om de dichtingsring te dichten. (Gebruik een silicone op polyurethaan basis in plaats van een hardingsmiddel op zuur basis om de verroesting van metalen oppervlakken te vermijden).
  • Krimpringterminals
  • Krimpverbindingsconnector
  • Beschermende kabelboom
  • Diëlektrisch vet
  • Super 33 of betere isolatietape
  • 16-18 meter draad om de verbinding te verlengen, indien nodig
  • Kabelbinders
  • De Reveal Hardware Installer-app: Download de app van

Stap 2: Controleer de inhoud van de doos

What's in the box.jpg

  • EAT-apparaat met bevestigde uitrusting van 15 ft (4,5 m)
  • 4 x zelfborende schroeven voor metaal: standaard 5/16” (8mm) zeskant, nummer 12 grootte, 1 inch lang
    screws.png
  • 4 x bouten: Getande flens 5/16” (8mm) zeskant, 10-32 draad, 1 ¼ inch lang, 0,19 inch schroefbreedte
    bolts.png
  • 4 x contramoeren 3/8” (9,5 mm) kop
    nuts.png
  • 4 x sluitringen, platte
    washers.png

Vraag altijd om toestemming voordat u gaat boren en controleer of u geen nabijgelegen apparaatuur of ROPS-structuren beschadigt. Raadpleeg het help-artikel over ROPS-identificatie voor meer informatie over het identificeren van ROPS-structuren.

Afhankelijk van waar het apparaat bevestigd is, kunt u schroeven of bouten met contramoeren en sluitringen gebruiken. Bij het gebruiken van schroeven of bouten kan het vooraf boren van gaten de taak vereenvoudigen. Op basis van de soort bevestiging kunnen tiewraps of dubbelzijdige tape gebruikt worden om het apparaat te bevestigen.

  • Als u niet zeker weet welke onderdelen door de fabrikant worden aangeduid als ROPS-structuur, moet u altijd redelijke pogingen doen om apparaten te bevestigen op een plek waar het kan worden vastgezet met tiewraps of dubbelzijdig tape.
    • Gebruik minimaal twee stroken dubbelzijdige tape van 25 mm breed over de volledige lange kant van het volgsysteem.

Stap 3: Identificeer de onderdelen

01 - EAT_labels.png

  • Montagegaten (in elke hoek één) (1)
  • Apparaatlabel met het serienummer (SN) en International Mobile Equipment Identity-nummer (IMEI) (2)
  • Status-ledlampjes voor de accu, netwerk en gps (3)
  • Statusknop die het apparaat inschakelt, een statustest uitvoert en een rapport stuurt (4)
  • 15 ft (4,5 m) kabelboomverbinding (5)

Het serienummer (SN) en het IMEI-nummer van het apparaat staan ook op het verpakkingsetiket.

Als u nogmaals op de statusknop drukt, wordt het apparaat niet uitgeschakeld.

Stap 4: Noteer het serienummer van het apparaat

Noteer het serienummer van het apparaat (SN). U heeft dit nummer later nodig bij de bevestiging dat het apparaat gekoppeld is aan Reveal.

Het serienummer van het apparaat is te vinden op het apparaatlabel (raadpleeg Stap 3 hierboven).

Als u gebruikt maakt van de Reveal Hardware Installer-app zal de app u vragen om het etiket te scannen. Zowel het apparaatlabel en de label op de verpakking kunnen gescand worden.

Stap 5: Activeer en test het apparaat.

In de Reveal Hardware Installer-app wordt u, tijdens het volgen van de installatiestappen, gevraagd om de statusknop van het apparaat in te drukken voordat u het apparaat bevestigd. Hierdoor wordt het apparaat getest en geactiveerd.

  1. Houd het apparaat op de montageplaats.
  2. Houd de statusknop 1-3 seconden lang stevig ingedrukt om het apparaat te wekken.*
    • Houd de statusknop niet te lang ingedrukt, hierdoor kan de Bluetooth-koppelmodus van het apparaat ingeschakeld worden. Bluetooth-functies worden momenteel niet ondersteund op het apparaat. Als u de Bluetooth-koppelmodus inschakelt op het apparaat moet u ongeveer 30 seconden wachten totdat het Bluetooth-ledlampje niet meer knippert om vervolgens de statusknop 1-3 seconden ingedrukt te houden om de netwerkcontrole te herstarten.
  3. Druk nog eens op de statusknop om de statuscontroles uit te voeren.
  4. Bekijk de status-ledlampjes. (Raadpleeg de tabel in het gedeelte Status-ledlampjes hieronder.)

*Opmerking voor oudere modellen

Als de HW Rev van uw volgsysteem op het etiket "A.1.1” of lager aangeeft moet u de statusknop steviger indrukken.

06-EAT_HW_Rev.png

In plaats van alleen uw vinger te gebruiken kunt u een gesloten pen gebruiken om de onderste rand van de knop 1-3 seconden ingedrukt te houden om het apparaat te wekken.

EAT_met_gesloten_pen.png

Als u het apparaat voor de eerste keer inschakelt moet u mogelijk twee keer de knop indrukken. De eerste keer drukken wekt het apparaat en de tweede keer drukken start de netwerkstatuscontrole.

Status-ledlampjes
EAT_status_LEDs.png

Het apparaat voert een statustest uit voor de accu, het netwerk en de gps wanneer de statusknop wordt ingedrukt. De resultaten van de statustest worden weergegeven via de status-ledlampjes zoals hieronder beschreven. Het ledlampje brandt voor een korte tijd. De test kan echter herhaald worden door de knop nogmaals in te drukken. Dit is handig om de beste bevestigingslocatie van het apparaat vast te stellen in het bedrijfsmiddel.

Pictogram Naam Status
Battery_LED.png Accu
  • 1 x knipperen = 10-25% vol
  • 2 x knipperen = 25-50% vol
  • 3 x knipperen = 50-75% vol
  • 4 x knipperen = 75-100% vol
Network_LED.png Netwerk
  • Langzaam knipperen: het apparaat zoekt naar een netwerk
  • Constant: er is verbinding met een netwerk gemaakt
GPS__LED.png Gps
  • Langzaam knipperen: het apparaat zoekt naar gps. Het toont geen mislukt/succes status. Bekijk de livekaart in de Spotlight-app of Reveal om het locatierapport te controleren.
BlueTooth__LED.png Bluetooth
  • Op dit moment worden Bluetooth-functies niet ondersteund op het apparaat. Als de statusknop langer dan 3 seconden ingedrukt wordt slaat het apparaat de netwerktest over en schakelt het de Bluetooth-koppelmodus in. Als de Bluetooth-koppelmodus is ingeschakeld:
    1. wacht tot het Bluetooth-ledlampje uit gaat en
    2. Houd de statusknop korter ingedrukt (1-3 seconden) om de netwerkcontrole te herstarten.

Stap 6: Zoek een goede locatie om het apparaat te bevestigen

Het wordt niet aangeraden om een ladder te gebruiken bij installaties. Als u echter op hoogte werkt, is het uw verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat u een veiligheidsuitrusting gebruikt en dat de juiste veiligheidsprocedures worden gevolgd.

Waar het apparaat wordt bevestigd hangt gedeeltelijk af van het soort bedrijfsmiddel.

Netwerk- en gps-signalen zijn bij de montagelocatie vereist.

  1. Houd het apparaat op de plek waar u het wilt bevestigen.
  2. U voert de test voor netwerk en gps uit door op de statusknop van het apparaat de drukken en de status-ledlampjes af te lezen.
  3. Als de ledlampjes niet aangeven dat er verbinding is gemaakt met een netwerk en een gps-locatie, herhaalt u de test ergens anders op het bedrijfsmiddel totdat u verbinding heeft gemaakt met een netwerk en gps-locatie.
  • Zorg ervoor dat het bedrijfsmiddel zich niet bevindt op een locatie waar netwerk- of gps-signalen verstoord kunnen worden tijdens de installatie, bijvoorbeeld onder een metalen structuur.
  • Houd het apparaat uit de buurt van bewegende onderdelen of gebieden waarin het wordt blootgesteld aan wegpuin of krachtige waterstralen. Bevestig het apparaat ook niet naast machines die warmte opwekken.
  • Bevestig het apparaat niet naar beneden gericht, onder het bedrijfsmiddel, omdat de reflecties van de grond het signaal en de nauwkeurigheid van de rapporten kunnen belemmeren.

Mogelijke locaties zijn:

  • Bovenkant van de trekhaak
  • Trekhaakrail
  • Zijhek
  • Voorzijde van scheidingswand

Het apparaat wordt in een latere stap bevestigd.

Stap 7: Het apparaat configureren

Als het EAT-apparaat is geinstalleerd met een 2-kabelverbinding, stel het als volgt in op een 2-kabelconfiguratie:

  1. Krijg het serienummer van het apparaat (zie Stap 4: Noteer het serienummer van het apparaat).
  2. Neem contact op met de klantondersteuning en geef ze het serienummer van het apparaat.
  3. Dien een verzoek in om het apparaat in te stellen op een 2-kabelconfiguratie.
    Momenteel kan een 2-kabel- of 3-kabelconfiguratie alleen ingesteld worden door contact op te nemen met monteursondersteuning.

Gebruik van de Reveal Hardware Installer-app

Reveal_Install_logo.png

Met gebruik van de Reveal Hardware Installer-app, voordat u het apparaat aan het bedrijfsmiddel bevestigt, kunt u:

  1. De werkopdracht selecteren en vervolgens de barcode van het apparaat scannen of u kunt de ESN van het apparaat invoeren.
    Scan_the_device.png
  2. Selecteer meerdere apparaten van het PWRD-bedrijfsmiddel in de lijst. (Opmerking: de selectie is van toepassing op alle volgsystemen in bedrijfsmiddelen, voor aangedreven en niet-aangedreven bedrijfsmiddelen.)
    Select_Serivce_Type.png
  3. De netwerkverbinding en gps-locatie van het apparaat testen. (Zie Stap 5: Activeer en test het apparaat en het gedeelte Status-ledlampjes). Activation_and_testing.png
  4. De bedradingswijze selecteren (2 of 3 draden). (Raadpleeg Het apparaat bedraden.) Wiring_the_EAT.png
  5. De gegevens van het bedrijfsmiddel invoeren. EAT_Asset_Details.png
  6. Het apparaat bedraden en aan het bedrijfsmiddel bevestigen (zie Stap 9: Het apparaat bevestigen). Nadat u de draden heeft aangesloten en voordat u het apparaat bevestigt, drukt u nogmaals op de statusknop om te bevestigen, de ledlampjes voor het netwerk en de gps branden als het apparaat bedraad is. Mount_the_EAT_device.png
  7. De instelling en activering van het apparaat voltooien. EAT_Setup_Complete.png

Momenteel kan de configuratie van het EAT-apparaat (2-kabel- of 3-kabel) alleen ingesteld worden door contact op te nemen met monteursondersteuning.

Het apparaat bedraden

Stap 8: Verbind het apparaat met de voedingsbron

In deze stap:

Overzicht verbindingen

Het EAT-apparaat wordt aangedreven door het bedrijfsmiddel waar het apparaat op wordt geïnstalleerd. U kunt verbinding maken met de stroombron van het bedrijfsmiddel door middel van een 2-kabel- of 3-kabelmethode. De Reveal Hardware Installer-app vraagt u om één van de opties te selecteren.

  • De 2-kabelmethode wordt gewoonlijk gebruikt voor opleggers.
  • De 3-kabelmethode, waarbij de derde kabel wordt verbonden met het contact, wordt vaak gebruikt voor zwaar materieel zoals graafmachines en bulldozers.
  • Best practices voor bedrading

Indeling van de bedrading van de uitrusting van het apparaat

Het EAT-apparaat heeft een gevormde uitrusting voor voeding en I/O van 15,4 ft (4,7 m) met deze gekleurde draden:

Kleur draad Functie Draad
[AWG (mm2)]
Rood Accu+ stroomdraad met 3-amp zekeringshouders 22 (0.34)
Wit Ontstekingsstroomdraad met 3-amp zekeringshouders 26 (0,14)
Zwart Aarde 22 (0,34)
Paars Digitale ingang 1 [+] trekkerdraad 26 (0,14)
Paars/zwart gestreept Digitale ingang 1 [-] referentiedraad 26 (0,14)
Blauw Digitale ingang 1 [-] referentiedraad 26 (0,14)
Blauw/zwart gestreept Digitale ingang 2 [-] referentiedraad 26 (0,14)
Bruin Digitale uitgang 1 [+] uitgang 26 (0,14)
Groen Digitale uitgang 1 [-] uitgang 26 (0,14)
Grijs Ingang/uitgang met 1 draad (momenteel niet in gebruik) 26 (0,14)
  • I/O met één draad is momenteel niet beschikbaar, maar dat is in een latere fase wel de bedoeling.
  • De aarddraad bestaat eigenlijk uit drie aarddraden die bij het blootgelegde uiteinde gecombineerd worden, waardoor het lijkt of het één draad is.

Zekeringen

De uitrusting van het apparaat bevat twee weerbestendige zekeringhouders met ieder een vervangbare mini-blade zekering van 3 A. Daarom is het niet nodig om zekeringen tijdens de installatie te verbinden. Indien nodig, kunnen vervangende zekeringen aangeschaft worden bij een winkel met auto-onderdelen. De zekeringen zitten aan de rode VDC-voedingskabel en de witte ontstekingskabel van het apparaat.

EAT_Fuse_Holders.png

Verbinden met de stroombron door middel van een 2-kabelmethode

  1. Verbind de rode draad van het apparaat aan de +12/24 V constante voedingsbron van het bedrijfsmiddel.
  2. Gebruik een ringterminal om de zwarte aarddraad van het apparaat te verbinden aan de negatieve accuterminal van het bedrijfsmiddel of gebruik een zelftappende schroef om de zwarte aarddraad van het apparaat te verbinden aan een aarding chassis.
  3. Rol extra lengte van de uitrusting van het apparaat op en zet het vast met tiewraps.
    Snijd de uitrusting niet af om het te verkorten tenzij de de klant hierom vraagt. Het verkorten van de uitrusting beperkt de bruikbaarheid van het apparaat als het in de toekomst wordt overgedragen naar een ander bedrijfsmiddel, daarnaast zorgt het ervoor dat bedradingsfouten vaker voor kunnen komen.

Installatie voor 2 draden voor op de neus gemonteerde opleggers met gebruik van een connector met 7 aansluitingen

  1. Verwijder de montageplaat van de connector met 7 pennen.

  2. Bevestig de eenheid aan de oplegger met behulp van het meegeleverde bevestigingsmateriaal.

  3. Gebruik een bestaand doorgangsgat of, indien deze niet beschikbaar is, boor een nieuw doorgangsgat in de oplegger. Trek bij een nieuw gat de uitrusting erdoorheen met een dichtingsring.

  4. Duw het uiteinde van de uitrusting naar de onderkant van de binnenwand van de oplegger richting de connector met 7 aansluitingen.

    • Als het nodig is voor de uitrusting om door het gat te gaan, moet u de voorgeïnstalleerde gezekerde koppelingen van de uitrusting van het apparaat verwijderen.

    • Maak een druppellus in de uitrusting om te voorkomen dat condensatie richting de elektrische verbindingen loopt.

    • Als u een dichtingsring gebruikt, moet deze door het doorgangsgat worden gestoken. Breng een druppel silicone aan rond de dichtingsring om het doorgangsgat af te dichten.

  5. Trek de bedrading door naar de connector met 7 pennen.

  6. Bevestig de gezekerde koppelingen opnieuw met krimpverbindingsconnectors en controleer of er een zekering van 3-5 ampère is.

  7. Scheid de rode en zwarte draden af van de uitrusting.

    • Plak ongebruikte draden aan de schede van de uitrusting (snijd de kabels niet af).

  8. Verbind de zwarte aarddraad van het apparaat aan de witte draad van de oplegger/de bovenste pen van de oplegger met 7 aansluitingen met behulp van een krimpringterminal of door middel van insteken in de draad.

  9. Verbind de rode VDC-voedingskabel van het apparaat aan de blauwe aux-draad van de oplegger/de middelste pen van de oplegger met 7 aansluitingen met behulp van een krimpringterminal of door middel van insteken in de draad.

    Verbind de rode voedingskabel niet met de marker of dagrijlichten tenzij daar specifiek naar wordt gevraagd bij Verizon Connect.


Aansluitkabel met 7 pennen-diagram voor semi-opleggers

Dit diagram over een aansluitkabel met 7 pennen voor semi-opleggers toont de typische bedradingskleuren en de layout voor de pennen.

Wire colours.png

De rode draad van de EAT moet verbonden worden aan positieve accustroom via het AUX/ABS-circuit van de semi-oplegger die blauw gekleurd is volgens de J560 specificatie en komt overeen met pen 7 in het midden wanneer u op de aansluitkabel met 7 pennen kijkt.

  1. Smeer beide nieuw geïnstalleerde ringterminalverbindingen in met diëlektrisch vet of terminal beschermende corrosiewerende spray indien nodig. Gebruik een kabelboom om overgebleven blootliggende draden te beschermen die niet worden beschermd door de uitrusting van het apparaat.

  2. Bevestig de afdekplaat van de 7 pennen opnieuw.
    Raadpleeg de typische bedradingskleuren en layout van de pennen hierboven.
    Verbind de rode voedingskabel aan de blauwe aux-draad van de oplegger.
    Verbind de zwarte aarddraad van het apparaat aan de witte aarddraad van de oplegger.

    Verbind de rode voedingskabel niet met de marker of dagrijlichten tenzij daar specifiek naar wordt gevraagd bij Verizon Connect.

Verbinden met de stroombron door middel van een 3-kabelmethode

  1. Verbind de rode VDC-voedingskabel van het apparaat aan de +12/ 24 VDC constante voedingsbron van het bedrijfsmiddel. Wanneer u het installeert op een semi-oplegger gebruikt u de AUX/ABS-kabel (op de 7 pennen) voor stroom.
  2. Verbind de zwarte aarddraad van het apparaat aan de negatieve accuterminal van het bedrijfsmiddel. Als u dit niet kunt doen, kunt u in plaats daarvan verbinden aan een aarding chassis op het bedrijfsmiddel met behulp van een ringterminal en een zelftappende schroef of fabrieksbout.
  3. Verbind de witte ontstekingskabel van het apparaat aan de +12/24 VDC ontsteking/geschakeld vermogen van het bedrijfsmiddel. De ontstekingsbron van het bedrijfsmiddel kan verschillen afhankelijk van het type bedrijfsmiddel. Het kan zich bij de ontstekingsschakelaar van het bedrijfsmiddel bevinden of bij de zekeringenkast van het bedrijfsmiddel.
  4. Rol extra lengte van de uitrusting van het apparaat op en zet het vast met tiewraps.
    Snijd de uitrusting niet af om het te verkorten tenzij de de klant hierom vraagt. Het verkorten van de uitrusting beperkt de bruikbaarheid van het apparaat als het in de toekomst wordt overgedragen naar een ander bedrijfsmiddel, daarnaast zorgt het ervoor dat bedradingsfouten vaker voor kunnen komen.

Installatie voor 3 draden voor koelopleggers

Hoewel er voor de meeste opleggers een installatie met 2 draden is vereist, zijn koelopleggers een uitzondering. Deze hebben vaak een installatie met 3 draden nodig. Naast de drie primaire draden, moet er een digitale ingangsdraad gebruikt worden om de motoruren van de koeler te kunnen controleren via het ontstekingscircuit van de koeler.

Verbinding maken met sensoren voor digitale ingangen/uitgangen

Nadat u de primaire bedrading van het apparaat heeft geïnstalleerd, kunt u verdergaan met de I/O-bedrading voor sensoren, indien dit nodig is voor de werkopdracht. Sensorfuncties zoals PTO, giek, achterdeur of lichten zijn een optioneel onderdeel van de installatie. Als de installatie geen I/O-draden heeft, kunt u deze sectie overslaan en verdergaan om de installatie te voltooien volgens de instructies in de Reveal Hardware Installer-app.

Het EAT-apparaat heeft de volgende I/O-opties:

  • Twee digitale ingangen. Deze ingangen kunnen schakelen tussen positieve of negatieve polariteit. Er zijn daardoor geen relays nodig. Elke ingang heeft twee draden, een voor hoog (positief) en een voor laag (negatief). Voor iedere ingang die gebruikt wordt, moet er een draad verbonden worden.
  • Eén digitale uitgang. Een digitale uitgang biedt een negatieve uitgang van 200 mA. Een digitale uitgang wordt doorgaans gebruikt om een relayspoel te activeren, of functies zoals een zoemer of ledlampjes.
  • Ingang en uitgang met één draad (één draad voor beiden). I/O met één draad wordt nog niet ondersteund door dit apparaat, daarom wordt de grijze koppeling voor één draad op dit moment niet gebruikt. Dit staat echter op de planning voor een latere fase van het product.

Het apparaat bevestigen

Stap 9: Het apparaat bevestigen

Het wordt niet aangeraden om een ladder te gebruiken bij installaties. Als u echter op hoogte werkt, is het uw verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat u een veiligheidsuitrusting gebruikt en dat de juiste veiligheidsprocedures worden gevolgd.

Voor het boren moet u er altijd voor zorgen dat u geen omringende uitrusting of ROPS-structuren beschadigt.

  1. Zorg ervoor dat het bedrijfsmiddel zich op een locatie bevindt met een sterk gps- en netwerksignaal. Vermijd locatie die mogelijk slechte signaalsterktes hebben (bijvoorbeeld, in gebouwen of onder een metalen structuur).
  2. Verplaats het apparaat naar waar u het wilt bevestigen en activeer de test als volgt.
    1. Druk op de statusknop om het apparaat in te schakelen.
    2. Druk nog eens op de statusknop om de statuscontroles van het apparaat uit te voeren.

      Een niet knipperend ledlampje voor het mobiele netwerk geeft aan dat er een netwerkverbinding is.
      Een langzaam knipperend gps-ledlampje geeft aan dat het apparaat op zoek is naar een gps-signaal, (het laat niet zien wanneer er een gps-signaal is gevonden).
  3. Terwijl u het apparaat stevig vasthoudt op de plek waar het bevestigd gaat worden markeert u de locatie van de vier montagegaten.
  4. Wanneer u tevreden bent over de bevestigingslocatie boort u de montagegaten.
    Het vooraf boren van de montagegaten maakt het eenvoudiger om de montageschroeven in te brengen.
  5. Bevestig het apparaat aan het bedrijfsmiddel met behulp van de meegeleverde schroeven of bouten.
    Gebruik geen klinknagels of verzonken schroeven om het apparaat te bevestigen. Draai de schroeven of bouten niet te stevig vast. (Dit kan het plastic rondom de montagegaten scheuren of breken.)

Aanvullende EAT-montagetips

Raadpleeg montage- en oriëntatietips voor EAT voor voorbeelden van installatielocaties op semi-opleggers, platte opleggers en lowboy-opleggers en details uit de voorkeursmontage-oriëntatiegids van Verizon Connect.

Hoe u het apparaat monteert of oriënteert heeft invloed op de prestaties ervan.

Het monteren van het apparaat onder bodemplanken, in metalen opleggers en containers kan de signaalsterkte en gegevensoverdracht hinderen. Wij raden het af om het apparaat onder een bedrijfsmiddel naar beneden wijzend te bevestigen omdat dit de nauwkeurigheid van de rapporten kan beïnvloeden.

Ondanks dat de EAT IP67 gekeurd is wordt het nog steeds aangeraden om te voorkomen dat het wordt blootgesteld aan krachtige waterstralen. Vermijd ook bronnen met veel hitte (+180°F/82°C), bewegende onderdelen en gebieden waarin het wordt blootgesteld aan schade door puin.


Het apparaat verticaal monteren op een verticaal oppervlak

verticaal_verticaal_voorkeur.png

Als het apparaat verticaal op een verticaal oppervlak wordt gemonteerd, dan moet dit het liefst met het Verizon-vinkje naar boven. Zo zit de statusknop onderaan, zodat deze beter beschermd is tegen de weersomstandigheden.

Het apparaat horizontaal monteren op een verticaal oppervlak

verticaal_horizontaal_voorkeur.png

Als het apparaat horizontaal wordt gemonteerd op een verticaal oppervlak, dan moet dit het liefst met het apparaatlabel (label niet afgebeeld) naar beneden. Zo verslijt het label niet door de weersomstandigheden.

Het apparaat monteren op een horizontaal oppervlak

horizontaal_horizontaal_voorkeur.png

Als het apparaat wordt gemonteerd op een horizontaal oppervlak, zorg er dan voor dat het Verizon-vinkje (de voorkant van het apparaat) naar boven wijst. Het apparaat ondersteboven monteren wordt niet aangeraden, omdat dit de nauwkeurigheid van de rapportage kan beïnvloeden.

Disclaimer

Verizon Connect aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade door of via gebruik van onze services, waaronder de gps-volghardware en dashcams, op een manier die tegenstrijdig is met deze instructies of volgens de wet en/of onze overeenkomst niet toegestaan is. Volghardware die aangesloten is op de diagnostische poort van elk voertuig waarin externe apparaten ook zijn aangesloten op de diagnostische poort, kan interferentie of functionaliteitsverlies van het externe apparaat tot gevolg hebben. Deze externe apparaten zijn onder andere rolstoelliften, levensreddende apparatuur, noodverlichting en laserguns. Indien er een conflict bestaat, neem dan contact op met Verizon Connect Support om uw volghardware te configureren om het externe apparaat te ondersteunen. Als dit niet gedaan wordt, is Verizon Connect niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit of gekoppeld is aan uw gebruik van de apparaten. Geïnstalleerde apparaten mogen alleen worden verwijderd en verplaatst naar een ander voertuig indien het tweede voertuig getest is voor compatibiliteit, volgens deze instructies. Indien overplaatsingen tussen voertuigen niet volgens deze instructies verlopen, komen alle garanties van Verizon Connect te vervallen en wordt Verizon Connect van alle aansprakelijkheid ontheven voor schade door of via het gebruik van de apparaten.


Was dit artikel nuttig?


Aantal gebruikers dat dit nuttig vond: 0 van 0